Stefan Prins , een woning uit de jaren 2000 tot nu

Zelfbouwwijk gaat voor duurzaam

Rotterdam ontpopt zich tot proeftuin voor duurzaam wonen. Op een voormalig hockeyterrein in Kralingen verrijst een van de eerste aardgasvrije nieuwbouwwijken.

Bezoek verdwaalt nog al eens. Dat krijg je als je in een wijk woont die zo nieuw is dat Google Maps je straatnaam nog niet herkent. Maar mensen die er zijn geweest, weten hun weg daarna feilloos te vinden: De Kralinger Esch. Het is één van de eerste aardgasvrije wijken van Nederland.

CO2-neutraal in 2050

Bijzonder, want tot voor kort waren netbeheerders verplicht om iedere nieuwbouwwoning op het gasnet aan te sluiten als daar door de projectontwikkelaar omgevraagd wordt. Maar zelfs die netbeheerders vinden dat niet langer maatschappelijk verantwoord meer. In 2050 moeten alle nieuwe woningen CO2-neutraal zijn. Zonde dus om nog steeds publiek geld in nieuwe gasaansluitingen te pompen, terwijl er ook duurza- me alternatieven voor handen zijn.

Wat die alternatieven dan zijn? Daar heeft onder andere architect Stefan Prins zich flink in verdiept. Hij moest wel. Toen zijn vriendin Diana en hij een kavel kregen toegewezen op voor- malig hockeyterrein Leonidas was er niks dan kale bouwgrond. 'Geen stadsverwarming, geen glasvezelkabels, geen gasaansluiting.'

Duurzaam ontwerp

Bij het ontwerp van zijn nieuwe woning, een combinatie van een loft en Scandinavisch buitenhuis, wist hij dan ook één ding zeker: een op gas werkende cv-ketel zou er niet in komen. In plaats daarvan moest de warmte 100% elektrisch worden opgewekt, onder andere door warmtepompen en zonnepanelen. 'En de warmte moest ook in huis blijven', zegt hij. 'Goed isoleren dus. Maar nog daarvoor: je huis zó plaatsen dat je optimaal gebruik maakt van de warmte en stand van de zon.'

'Bijvoorbeeld door in de keuken een overstek te plaatsen. Deze zorgt ervoor dat zon in de zomer niet doorschijnt naar binnen, maar in de winter – als de zon laag hangt en je wat extra warmte best kunt gebruiken– juist wel.

Hart van het huis is bij Stefan niet de cv-ketel maar een lucht-waterwarmtepomp, die de woning verwarmt met behulp van de buitenlucht. Stroom wekt hij op via zonnepanelen op het dak.  Een deel van deze energie verbruikt hij zelf. De rest levert hij terug aan het openbare net, waarvoor hij ook vergoed wordt. Salderen noem je dat. Alleen 's winters of op erg bewolkte dagen is het nodig om een beroep te doen op het energiebedrijf.

Een vierde van de energierekening

Stefan: 'Gemiddeld betalen we nu zo'n 25 euro per maand aan stroom. Bijna een vierde van wat wij voorheen betaalden voor onze loft in Rotterdam-Zuid. Een deels verwachte, deels gehoopte besparing die we direct in de
hypotheek hebben laten doorberekenen."

Het huis zo inrichten om op termijn écht nul-op-de-meter te krijgen, is zijn volgende doel. 'Niet alleen om het milieu te sparen. Of om op je energierekening te beknibbelen. Maar vooral om het thuis zo comfortabel en praktisch mogelijk te maken.' Stefan wil maar zeggen: energiezuinig bouwen wordt op den duur haast een sport. 'Via een app op mijn smartphone kan ik precies zien waar en wanneer ik de meeste stroom verbruik. Die kennis helpt je de pieken en
dalen wat meer gelijk trekken.'

Pionieren

En als je zelf even niet zo goed weet hoe, is er altijd wel een buur die je met raad en daad bijstaat. 'Het mooie van wonen in de eerste aardgasvrije wijk van Rotterdam is dat het voor iedereen een vorm van pionieren is. Alleen door vallen en opstaan leer je wat het beste werkt.'

Dit artikel verscheen eerder in een speciale uitgave van Dagblad Metro.