Een woning uit de 19e eeuw t/m de jaren '20

Woont u in een huis dat is gebouwd vóór de jaren '20? Dan heeft uw huis gemiddeld energielabel G. Lees hier wat u kunt doen om energie te besparen en uw energielabel te verbeteren!

Architectonische kenmerken

Vanaf 1850 kent Rotterdam een onstuimige groei en wordt er voor het eerst buiten de stadsdriehoek gebouwd. Eind negentiende eeuw bijvoorbeeld het Oude Westen en vanaf 1900 Het Nieuwe Westen. Ook worden Het Oude Noorden en delen van Kralingen ontwikkeld. Op Zuid bouwt men o.a. aan de wijk Feijenoord.

Er is in de straten een grote diversiteit aan gevelversieringen terug te vinden zoals stenen, keramische of pleisterwerk ornamenten, erkers en torentjes. Ook zijn er eenheden van meerdere huizen in dezelfde stijl herkenbaar. Zo heeft het Oude Noorden een dorps karakter door de huizen met twee verdiepingen; in het Oude en Nieuwe Westen zijn de huizen drie tot vier verdiepingen hoog.

In deze bouwperiode zijn de architectonische kenmerken:

  • gevels met veel detail en bijzonder materiaalgebruik zoals geglazuurde stenen, siermetselwerk, lateien van natuursteen, ornamenten als omranding rond de kozijnen
  • schuif(ramen) met bovenlichten van glas-in-lood
  • (gedeelde) voordeur met inpandige trap
  • indeling in boven-en benedenhuis of in dubbel benedenhuis en dubbel bovenhuis
  • sierlijk geornamenteerde rietstuukplafonds
  • vensterbanken van natuursteen of keramiek
  • marmer en tegels in de entree.
  • badkamer- en soms ook keuken- en gangvloeren van tegelmozaïek en Terrazzo
  • geprofileerde kozijnen
  • siergevels voor de dakconstructie


Bouwtechnische kenmerken

De huizen van begin van de eeuw zijn van metselwerk en hout. De dragende muren zijn van steen en staan haaks op de gevel. Hierop ligt de horizontale constructie, de houten balklagen van de verdiepingen en het dak. De vloeren op de begane grond zijn van hout of steenachtig materiaal met daaronder een kruipruimte of een souterrain. De dragende wanden staan op een gemetselde fundering die op houten palen staat. Soms staan de funderingen ook op een kleilaag zonder palen. De houten balklaag wordt aan de bovenkant afgewerkt met een houten vloer en aan de onderkant met een gestuukt rieten plafond. De holle ruimte tussen de balken is niet opgevuld. De gemetselde voor- en achtergevel zonder spouw staat op de fundering en is zelfdragend. De vaak voorkomende siergevel wordt door middel van een metalen constructie geborgd. Niet dragende binnenwanden staan op de houten vloer en worden opgemetseld tot tussen de houten balklaag. Door de beschreven bouwmethodiek ontstaat in de huizen geluidsoverlast. Door de buitengevel zonder spouw te bouwen is vochtdoorslag door de muren mogelijk. De slechte luchtdichtheid van de gebouwen ontstaat door metselwerkvoegen van lage kwaliteit en door ontbrekende kierdichting tussen gevel en kozijnen.

Deze omschrijving gaat uit van de standaard, zoals er destijds gebouwd werd. Alle aanpassingen in de loop van de tijd kunnen van invloed zijn op het advies.

In deze bouwperiode zijn de bouwkundige kenmerken:

  • gemetselde buitengevel zonder spouw, gevoelig voor vochtdoorslag en tocht
  • dragende muren van kalkstandsteen of baksteen niet ontkoppeld (gedilateerd), waardoor geluidoverlast ontstaat
  • houten vloeren opgelegd in de muur, problemen met contactgeluid
  • houten (schuif)ramen met enkel glas
  • platte en schuine pannendaken al dan niet voorzien van een siergevel
  • de vloer van de begane grond is van hout of steen, de vloer van het souterrain is van leem of steen
  • gefundeerd op houten palen waardoor er gevaar van houtrot is bij verandering van het waterpeil
  • ventilatie door kieren en gaten in deuren en ramen en (mogelijk) een ventilatiekanaal met natuurlijke trek

Kansen voor energiebesparing

Vloeren, gevels en daken

Om de warmtevraag te verlagen, kunt u als eerste de bouwdelen isoleren die in contact staan met de buitenlucht of de grond. De buitengevel kunt u van binnen met isolatiedekens of hardschuimplaten isoleren en met een voorzetwand afwerken. De begane grondvloer kunt u vanuit de kruipruimte isoleren met isolatiedekens of hardschuimplaten. De kruipruimte moet daarvoor droog zijn en zo nodig eerst worden voorzien van een bodemafsluiting. Bodemafsluiting is het aanbrengen van folie, zand of schelpen op de bodem van de kruipruimte, waardoor vochtproblemen en stankoverlast worden verholpen. Indien u geen kruipruimte heeft, is het mogelijk de hele begane grond-vloer te vervangen door een isolerende vloer. Dit is een dure ingreep die vooral mogelijk is als er bijvoorbeeld funderingsherstel nodig is.

U kunt daken met een bitumen dakbedekking bij voorkeur van buiten isoleren om condensvorming te voorkomen. Pannendaken met dakbeschot kunt u van binnen isoleren met isolatiedekens of hardschuimplaten. Als de zolderverdieping niet in gebruik is, kan op de zoldervloer zogenoemde beloopbare isolatie gelegd worden: isolerend materiaal waar overheen gelopen kan worden. Ook kunt u de ruimte tussen de balken vullen met isolatie.

Ramen

De kozijnen met glas-in-lood zijn sfeerbepalend voor het huis. Door slecht onderhoud en enkel glas zijn dit vaak ook grote warmtelekken. Als de kozijnen sterk en de sponningen diep genoeg zijn kunt u enkel glas vervangen door HR++ of HR+++ glas. De glas-in-lood ramen kunt u laten plaatsen in dubbel glas waardoor u deze sfeerbepalende elementen kunt behouden. Ook kunt u bij glas-in-lood gebruikmaken van achterzetramen. Indien het kozijn het HR++ glas niet kan dragen, kunt u de kozijnen vervangen of overwegen om te kiezen voor 'monumentenglas': speciaal glas dat dun is en toch goed isoleert.

Energie

Installatietechnische maatregelen voor energiebesparing zijn afhankelijk van het huishouden en de ligging van het gebouw. Denk bijvoorbeeld aan zonnepanelen: hiervoor is een goede ligging van het dak ten opzichte van de zon nodig met niet teveel schaduw van schoorstenen en bomen. Oude verwarmingstoestellen, zoals een moederhard, gaskachel of een VR-ketel, hebben een laag rendement en verspillen daardoor veel energie. CV-ketels hebben een hoger rendement maar na 15 jaar is de vervanging voor een hoogrendementsketel aan te raden. Houd er wel rekening mee dat er een dubbelwandig kanaal nodig is voor rookafvoer en luchtaanvoer. Dit kan vaak getrokken worden in een bestaand rookkanaal. Als u verder wilt gaan met besparen kunt u mogelijk voor een nog duurzamere installatie, zoals een HRe-ketel of een hybride warmtepomp kiezen. (Zie ook informatie over verwarmingstoestellen).

Mogelijke maatregelen

Bij het verduurzamen van uw huis kunt u denken aan:

  • het isoleren van:
    - de buitengevel van binnenuit
    - het dak van binnenuit
    - de vloer van de vliering
    - de houten balklaag. Let daarbij op houten balkkoppen in de gevel, waardoor temperatuurverschil condensatie kan  optreden met houtrot tot gevolg!
    - de kruipruimte en de houten balklaag door bodemisolatie toe te passen
    - glas-in-lood door het plaatsen van een achterzetraam of glas-in-lood in dubbel glas
  • het plaatsen van HR++ of HR+++ glas, monumentenglas of nieuwe kozijnen
  • het plaatsen van zonnepanelen op het dak voor elektriciteit
  • het plaatsen van zonnecollectoren voor tapwater (en verwarming – in combinatie met lage temperatuurverwarming, LTV)
  • het vervangen van oude verwarmingstoestellen voor een moderne zuinige HR107-ketel of verdergaande duurzame installatiesystemen
  • het verduurzamen van uw woning door bouwkundige maatregelen te nemen die de luchtdichtheid van het gebouw verbeteren. Het is daarbij noodzakelijk goed te blijven ventileren om schimmel in de ruimte te voorkomen.

Welke maatregelen in uw huis mogelijk zijn en het beste werken, hangt af van de specifieke eigenschappen van uw huis. In overleg met een deskundige kunt u uw plannen verder uitwerken.

Let op: woont u in een monument of huis dat deel uitmaakt van een beschermd stadsgezicht? Dan mag u niet zomaar allerlei aanpassingen aan uw huis doen. Lees meer op de pagina's over wonen in een monumentale woning of een beschermd stadsgezicht.

Meer weten over het energiezuinig maken van een historische woning? Kijk dan hier de aflevering van 'Ons Huis Verdient Het' terug, waarin de Rotterdamse Julian zijn herenhuis uit 1894 eigenhandig verbouwt en isoleert.