28 juni 2018

De beste aanpak voor aardgasvrije wijken

De Nederlandse overheid heeft besloten dat we in 2050 geen aardgas meer mogen gebruiken voor koken en stoken. En dat is mooi, want het gebruik van aardgas heeft veel nadelen - vooral voor het milieu. De komende jaren worden er steeds meer gebieden omgevormd tot aardgasvrije wijken. Rotterdam selecteerde de eerste vijf gebieden waar de stad gaat kijken hoe we dit samen kunnen realiseren.

Elke gemeente moet uiterlijk in 2021 met een planning komen van de wijken die voor 2030 en daarna worden aangepakt. Rotterdam is hard op weg om een toekomstbestendige stad zonder aardgas te worden. In de stad zijn al veel woningen, huur en koop, aangesloten op de Rotterdamse stadsverwarming of all-electric gemaakt. Al jaren. Maar we zijn er nog niet. Er zal snel een begin moeten worden gemaakt om ook de rest van de stad met duurzamere bronnen te verwarmen. De vijf gebieden waar Rotterdam een start mee maakt zijn Rozenburg, Pendrecht-Zuid, een deel van Reyerdijk/Reyeroord/Groot IJsselmonde, Bospolder-Tussendijken en een deel van Prinsenland-Lage Land.

Startpunt voor gesprek

In deze gebieden zal samen met bewoners, eigenaren en marktpartijen in een wijk gekeken worden welke oplossing het meest voor de hand ligt als het gaat om een alternatief voor aardgas. De vraag is: welk alternatief past het beste bij een wijk of een bepaald type woning? Om daar een idee van te krijgen heeft de gemeente gekeken waar de beste kansen liggen. De gemeente heeft een zogenaamde WAT-kaart gemaakt, een globale schets van wijken waarin staat wat – met de kennis van nu – per wijk het goedkoopste alternatief voor aardgas is.

Twee opties: stadsverwarming of all-electric

Er zijn momenteel twee opties die het meest voor de hand liggen: gebruikmaken van restwarmte door een aansluiting op stadsverwarming of een oplossing waarbij een huis wordt verwarmd met elektriciteit (all-electric). Er zijn daarnaast allerlei ontwikkelingen gaande op het gebied van biogas en waterstof, maar deze lijken nu nog minder geschikt voor woningen.

Niets staat nog vast

De WAT-kaart brengt de kansen voor de overgang naar een aardgasvrij Rotterdam in beeld door te laten zien welk alternatief voor aardgas per wijk het goedkoopst is. De verdeling op de kaart staat nog niet vast, maar wordt naar verwachting nog regelmatig aangepast door nieuwe technologische kennis en inzichten. Op dit moment zien we door onze gunstige ligging ten opzichte van de haven grote kansen voor restwarmte in Rotterdam. Warmte die normaal verloren zou gaan, wordt nu gebruikt om onze huizen en gebouwen te verwarmen.

De goedkoopste optie

Om de kosten te berekenen is gekeken naar de energiekosten en het isoleren van gebouwen én naar de investeringen die nodig zijn voor het aanleggen van een (nieuw) warmtenet of elektriciteitsnet. De WAT-kaart laat niet alleen zien welk alternatief per wijk op dit moment het goedkoopst is (stadsverwarming of all-electric), maar ook hoeveel goedkoper de voorkeursvariant is ten aanzien van het andere alternatief. Hoe lichter de kleur, hoe kleiner het verschil tussen beide alternatieven. En andersom hoe donkerder de kleur hoe groter het kostenverschil.

Huidig beeld: vooral stadsverwarming

Uit de WAT-kaart lijkt een aansluiting op het warmtenet (rood) voor veel gebieden vooralsnog de beste oplossing. In het geval van een all-electric oplossing (blauw) is namelijk vaak hele goede isolatie en een aanpassing van de warmte-installaties nodig, en dat is bij bestaande gebouwen nu nog moeilijk realiseerbaar en duur. Het warmtenet is dus al snel de meest goedkope optie, zeker in dicht bebouwd gebied. Innovaties op het gebied van duurzaamheid kunnen er echter voor zorgen dat de kaart er over een aantal jaren misschien weer heel anders uitziet.

In elke wijk wordt er gekeken wie er betrokken moet worden daarin hebben bewoners ook een stem. Als een wijk aan de beurt is, wordt er gezocht naar mensen die hier over mee willen denken.